Opzet propedeuseprogramma voltijd

Informatie over het propedeusepogramma voltijd.

Opbouw van het propedeuseprogramma

De opleiding in de propedeuse bestaat uit onderdelen die een algemeen en oriënterend overzicht geven van de gehele geschie­denis. Zo worden achtereenvolgens de Oude Ge­schiedenis, de Middeleeuwse Geschiedenis, de Algemene Geschiedenis van de Nieuwe Tijd, de Economische en Sociale Geschiedenis, de Vaderlandse Geschiedenis en de Al­gemene Geschiedenis van de Contemporaine Tijd aan de orde gesteld. Er wordt gedo­ceerd in een combinatie van hoor- en werkcolle­ges.

De hoorcol­leges geven de grote lij­nen aan, terwijl in de werkcolleges specifieke onderwerpen aan de orde komen, die aan de hand van teksten worden uitgediept. De keuze van de on­derwerpen is zodanig dat de student inzicht krijgt in de grote lijnen van het geschiedverloop. Naast de genoemde vakken staat het vak Inleiding Historische Wetenschap, een eerste kennismaking met de geschiedtheorie. Tot slot schrijven propedeusestudenten in het kader van een het The­macollege I een werk­stuk van ca. acht pagina’s (ca. 3200 woorden) en in het kader van het Themacollege II een werkstuk van ca. twaalf pagina’s (ca. 5000 woorden) over een histo­risch thema. De hoorcolleges worden afgesloten met een schriftelijk tentamen. Het cijfer voor het werkcollege wordt bepaald op basis van aanwezigheid, participatie en de kwaliteit van schriftelijke en mondelinge bijdragen. Zowel de ten­tamens als de werkcolleges moeten met een voldoende worden afgesloten. De drie onderdelen van de vaardighedenwerkcolleges moeten allen voldoende worden afgerond om het gehele college voldoende af te ronden. Onvoldoendes kunnen niet worden gecompenseerd. De beide themacolleges worden afgesloten met een werkstuk.

Schema eerste jaar

Eerste semester ects
Oude Geschiedenis (OG) 5
Algemene Geschiedenis Nieuwe Tijd (AGN) 5
Vaderlandse Geschiedenis (VG) 5
Vaardighedenwerkcollege (VW: OG, AGN en VG) 5
Themacollege 1 (TC1) 5
Inleiding Historische Wetenschap 5
   
Totale studielast 30
 
Tweede semester ects
Middeleeuwse Geschiedenis (MG) 5
Algemene Geschiedenis van de Contemporaine Tijd (AGC) 5
Economische en Sociale Geschiedenis (ESG) 5
Vaardighedenwerkcollege (VW: MG, AGC en ESG) 5
Themacollege 2 (TC2) 10
   
Totale studielast 30


Bindend Studieadvies (BSA)

Bindend Studieadvies

1. Het bindend studieadvies is een eindpunt van een proces waarin de opleiding – in de personen van de groepsdocent, de vakdocenten en de studieadviseur – de student inten­sief heeft gevolgd en begeleid. Een student wordt aan het begin van de studie in een werkgroep geplaatst onder be­geleiding van een groepsdocent.

2. Het studieadvies wordt gebaseerd op de resultaten van de werkcolleges (spreek­vaar­digheid, inzet en inzicht), de tentamens (kennis en inzicht), de werkstukken (schrijf­vaardigheid, kennis en inzicht) en de mening van de docenten, in het bijzonder de groepsdocent (algemene instel­ling). De examen­commissie kan afzien van het verbin­den van een afwijzing aan een negatief advies indien bijzondere persoonlijke omstan­digheden ertoe hebben geleid dat niet is voldaan aan de norm. De student dient tijdig melding te maken van deze persoon­lij­ke omstandigheden, tijdens het kennisma­kings­gesprek met de groepsdocent of, indien ontstaan in een later stadium, bij de studiead­viseur voor de propedeuse.

Alvorens het uiteindelijke advies op 31 augustus wordt uitgebracht, ontvangt de student twee studievoortgangsadviezen in januari en juni, gebaseerd op de resultaten uit respectievelijk het eerste en het tweede semester. Alle adviezen worden schriftelijk uit­gebracht en toegevoegd aan het persoonlijk dossier van de student. Naar aanleiding van het eerste studieadvies worden er door de groepsdocent met alle studenten uit de eigen groep gesprekken gevoerd. Bij een negatief advies vindt dit gesprek plaats voor 31 januari, in verband met de wettelijke mogelijkheid tot tussentijdse uitschrijving voor 1 februari zonder financiële conse­quenties voor die studenten die voor het eerst stu­diefinanciering voor een HBO- of WO-opleiding ontvangen. Eventueel wordt een stu­dent naar een meer geschikte opleiding of naar de universitaire studiekeuze- en loop­baanadvi­seurs door­verwe­zen.

3. Voor de bepaling van het studieadvies zal worden uitge­gaan van de volgende norm:

  • a. Een student die 40 of meer ECTS heeft behaald, krijgt een posi­tief advies, indien ten minste één van beide themacolleges voldoende is gemaakt.
  • b. Een student die minder dan 40 ECTS of beide themacolleges onvol­doende heeft behaald, krijgt een negatief, afwijzend studiead­vies (= bsa). Hij mag zich niet opnieuw aan de Leidse universiteit voor deze opleiding inschrijven.
  • c. Voor degenen die twee reguliere universitaire studies volgen, geldt als eis dat zij ge­durende het studiejaar in totaal 60 ECTS moeten hebben behaald en voor de opleiding Geschiedenis 40 ECTS, inclusief een voldoende voor één van beide themacolleges.
N.B.: met ingang van het studiejaar 2005/2006 geldt de norm dat de propedeuse in twee jaar moet zijn voltooid. Deze verandering heeft geen consequenties voor degenen die in 2004/2005 of eerder met hun studie zijn begonnen.

Nadere informatie over persoonlijke omstandigheden van een student, de daarbij behorende procedureafspraak, over de zogenoemde hardheidsclausule waarover een examencommissie kan beschikken, over de mogelijkheid om tegen het definitieve stu­dieadvies in beroep te gaan, enz. is te vinden in het Studentenstatuut en de daarbij be­ho­rende bijlagen.

Werkgroepen en werkstukken

De eerstejaarsstudenten zijn verdeeld over een aantal vaste werkgroepen van ca. acht­tien studenten, die elk een speciale docent hebben: de groepsdocent. De groepsdocen­ten geven het eerste themacollege en begeleiden de studenten in het kader van het bin­dendstudieadviestraject. Daarnaast ondersteunen zij het studie­coördi­naat door het ver­strekken van algemene studie-informatie. Zij adviseren samen met het mentoraat de studenten bij de samenstelling van het studiepakket voor het tweede jaar. Zij roepen absenten en studenten met onvoldoende studieresultaten op. Ten slotte hebben de groepsdocenten een taak bij het opstellen van het studieadvies, dat aan het eind van het  eerste jaar aan elke student gegeven moet worden.

Elke groep volgt per semester één themacollege. In het kader van deze colleges schrijven de studenten hun twee propedeutische werkstukken. Om organisatorische redenen zijn studenten niet vrij in het kiezen van de onderwerp­en van de werkstukken.

Het werkstuk­ bij Themacollege I heeft een omvang van acht pagina’s (ca. 3200 woorden), waarvoor 200 à 250 bladzijden literatuur, door de docent opgegeven, moet worden be­studeerd. Het werkstuk van Themacollege II heeft een omvang van twaalf pagina’s (ca. 5000 woorden), waarvoor de 500 pagina’s literatuur moet worden bestudeerd waaronder verplicht 1 à 2 zelf gevonden artikelen uit een wetenschappelijk tijdschrift. Het inleveren van het definitieve werkstuk dient te geschieden op de in de jaarindeling opgegeven datum, in het postvak van de docent. Uitstel wordt alleen in zeer uitzonderlijke gevallen verleend door het studiecoördinaat, in overleg met de do­cent. Het cijfer 4 of lager betekent dat een herkansingswerkstuk moet worden geschreven over een nieuw onderwerp. Bij een 5 mag het herkansingswerkstuk over hetzelfde onderwerp worden geschreven als het oorspronkelijke werkstuk. Het herkansingswerkstuk kan,evenals een werkstuk dat niet op tijd klaar is, op de herkansings­datum uit de jaarinde­ling wor­den ingeleverd.

Om het vaardighedenwerkcollege OG, VG en AG van 5 ects te behalen, dienen de drie subonderdelen (de werkcolleges van OG, VG en AGN) met een voldoende te worden afgerond. De werkcolleges worden elk met een cijfer beoordeeld. Voor het vaardighedenwerkcollege MG, AGC en ESG geldt hetzelfde (de werkcolleges van respectievelijk MG, AGC en ESG moeten met een voldoende worden afgerond). Het gemiddelde werkcollegecijfer en de bijbehorende 5 studiepunten zullen pas na afronding van ALLE drie subonderdelen worden toegekend.

Tentamens

Let op: voor het kerncurriculum vak IHW gelden facultaire regels.

Tentamenperiodes

Elk semester heeft twee tentamenperiodes, waarin geen colleges plaatsvinden. Om snel in een studieritme te komen en een indruk te krijgen van de wijze van ten­tamineren staan halverwege het eerste semester de eerste tentamens gepland. Let op: ook buiten de tentamenperiodes, dus tijdens collegeweken, is het mogelijk dat er tentamens afgenomen worden. 

Aanmelding voor de reguliere tentamens is voor eerstejaars studenten niet nodig, voor herkansingen wel. Herhalers, tweedejaarsdeeltijdstu­denten en keuzevakstudenten dienen zich op tijd voor het tentamen aan te melden via uSis. De aanmeldprocedures staan hier. Om praktische rede­nen (o.a. zaalruimte) staan de propedeusetentamens over het algemeen op de avond inge­roosterd.

Beoordeling/Herkansing   

Herkansingsvoorwaarden tussentoetsen

Er worden cijfers gegeven voor de tentamens, de vaardighedenwerkcolleges en de twee themacolleges, waarbij een 6 voldoende en een 5 onvoldoende is. Deelname aan alle werkcolleges is verplicht. Alle propedeu­seonderdelen moeten met een voldoende worden afgesloten.Voor het predikaat cum laude komen in aanmerking al diegenen die een gewogen gemiddelde van 8 of hoger hebben ge­haald.

Voor ieder tentamen en werkstuk is er één herkansingsgelegenheid per jaar. Her­kansers dienen zich uiterlijk één week voor het ten­tamen aan te melden via uSis.

N.B.: Herkansers dienen de meest recente stof voor een tentamen te bestuderen (handboek, reader en hoorcollegestof).

Wanneer een vak niet binnen het studiejaar wordt afgerond, is de volgende her­kansingsgelegenheid het eerstvolgende tentamen in het nieuwe studiejaar volgens het dan geldende studieprogramma.

Overgang naar BA-vervolgfase

Degene die op 1 september nog niet geslaagd is voor de ge­hele propedeuse, maar wél een positief bindend studieadvies heeft gekregen, mag aan alle programmaonderdelen van de bachelorfase deelnemen, met uitzondering van de Werkcolleges. De student mag zich pas inschrijven voor werkcolleges wanneer hij voldoet aan de BSA eisen en beide Themacolleges met een voldoende heeft afgerond.

Bij het maken van een studieplanning is het verstandig uit te gaan van ca. 30 ECTS per semester.

 
Laatst Gewijzigd: 11-07-2011