Over de Minor Internationaal en Intercultureel Management

Een minor Internationaal en Intercultureel Management is een zinvolle aanvulling op je hoofdstudie. Lees hier meer over de opbouw en de inhoud van het programma.

Waarom een Minor Internationaal en Intercultureel Management?

In een open economie als die van Nederland krijgt iedere onderneming te maken met buitenlandse concurrenten of buitenlandse partners. Als managers niet zelf naar het buitenland gaan, komt het buitenland wel naar hun toe. Niet alleen bedrijven maar ook overheidsinstellingen moeten steeds vaker over de grens kijken. Veel zaken die van cruciaal belang zijn, zoals de zorg voor het milieu of het bijsturen van financiële markten, kunnen niet meer alleen door de nationale overheden worden geregeld. Daarnaast zijn er non-profit organisaties, zoals Greenpeace of Novib, die ook internationaal opereren. In alle drie de bovenstaande gevallen worden problemen ook niet door individuele managers opgelost, maar vindt overleg en besluitvorming in toenemende mate plaats in internationale teams.
Bij al deze activiteiten is vakkennis nodig, kennis van bedrijfskunde, economie en recht. Maar in de steeds verder globaliserende werksfeer komen productie, handel, verdragen of dienstverlening niet van de grond als men elkaar niet goed ‘verstaat’. Engels en vakkennis zijn daarvoor niet toereikend. Men moet inzicht hebben in de cultuur van de andere samenleving om onderhandelingstechnieken, werkwijze, gedragingen en gevoeligheden van de gesprekspartners te begrijpen. Deze groeiende behoefte aan de toepassing van cultuurkennis in combinatie met een breed basisbegrip van wereldeconomie, organisatiekunde en management is de bestaansgrond van de minor Internationaal en Intercultureel Management.

Recent wetenschappelijk onderzoek biedt allerlei tastbare inzichten voor intercultureel management. Internationalisering biedt veel kansen, mits bedrijven en organisaties de juiste competenties in huis hebben. Onderzoek wijst uit dat communicatieve vaardigheden, de beheersing van de andere taal en vooral interesse in de andere cultuur, alsmede het goed kunnen inschatten van specifieke kenmerken daarvan, meer dan vakkennis de belangrijkste oorzaak zijn van het slagen of falen van activiteiten in het buitenland. Fouten bij onderhandelingen die te wijten zijn aan cultuurproblemen, blijken het Amerikaanse bedrijfsleven ruim twee miljard dollar per jaar te kosten. Bovendien wijst onderzoek uit dat ongeveer een derde van de managers die naar het buitenland wordt gezonden, voortijdig terugkeren omdat ze niet goed functioneren. Ook is aangetoond dat de belangrijkste oorzaak voor het falen van vele internationale samenwerkingsverbanden eveneens vooral te wijten is aan interculturele problemen. Interessant is ten slotte om te zien dat van teams waarvan de leden bestaan uit mensen met diverse culturele achtergronden deze teams deels lager, maar deels ook hoger scoren dan teams waarvan de achtergrond van de leden cultureel homogeen is. De oorzaak hiervoor is dat als er geen aandacht wordt besteed aan de cultuurverschillen in de teams vaker dan gemiddeld conflicten ontstaan. Het tegenovergestelde is ook waar: als culturele verschillen wel herkend worden en bespreekbaar worden gemaakt, is culturele diversiteit juist een oorzaak van beter functioneren en levert het dus ook concurrentievoordeel op voor de betreffende organisatie.


Methode, Eindtermen en Instroomeisen

Het onderwijs in het programma Internationaal en Intercultureel Management berust op drie pijlers. Dit zijn kennis, inzicht en vaardigheden. Zonder kennis kun je niet gefundeerd spreken of inzicht verkrijgen. Kennisoverdracht, in de vorm van colleges en studiemateriaal en de toetsing hiervan om een hoog niveau te garanderen, vormen dan ook de basis van vooral de inleidende colleges. Na het met succes afronden van het programma  is de student op de hoogte van de meest moderne benaderingen van de behandelde thema’s.
Inzicht is een minstens even belangrijk onderdeel van het programma. Management draait uiteindelijk om een kritische benadering van de praktische toepasbaarheid van theoretische concepten. Passieve kennis alleen is niet voldoende. De student leert in het programma bedrijfskundig relevante problemen te herkennen en oplossingen te formuleren op basis van een multidisciplinaire en academische aanpak.
In de laatste plaats zijn vaardigheden expliciet in het programma opgenomen. De student wordt in het programma vertrouwd met academische onderzoeksvaardigheden en verslaggeving, maar ook met sociale vaardigheden, zoals het werken in groepen aan opdrachten. Bovendien is de student getraind in communicatieve vaardigheden, zoals het kort, bondig en interesse opwekkend kunnen presenteren van onderzoeksresultaten.
Deze drie elementen vinden we ook terug in de opzet van de verschillende colleges. Bij alle colleges komen de drie C’s aan bod van context (kennis en inzicht over de actuele ontwikkelingen in de wereldeconomie die van belang zijn voor het functioneren van internationaal opererende bedrijven en instellingen), concepten (studenten nemen op een academisch niveau kennis van de meest moderne theoretische modellen en leren deze kritisch op hun toepasbaarheid te beoordelen), en casuïstiek (studenten analyseren en presenteren groepsgewijs bedrijfskundig relevante voorbeelden).


Studievereniging VIML

De studievereniging Internationaal Management Leiden (VIML) is opgericht om studenten kennis te laten maken met het praktische aspect van de minor. Zo organiseert de vereniging activiteiten die aansluiting bieden tussen de hoofd- en minorstudie, zoals lezingen, workshops en bedrijfsbezoeken. Deze activiteiten worden traditiegetrouw afgesloten met een borrel. Ieder jaar vindt daarnaast het eindcongres plaats, waar de consultancyrapporten die studenten in het tweede semester van de minor maken worden gepresenteerd. Daarnaast is dit een inspirerende dag waarbij sprekers of alumni vanuit het vakgebied hun ervaringen met Internationaal Management delen en de studenten een blik in de toekomst gunnen. Voor meer informatie kun je doorklikken naar de Facebookpagina van de VIML.

Docenten

De invulling van het onderwijs wordt verzorgd door docenten die een academische benadering van het vakgebied weten te combineren met ervaring in de actuele werksfeer op het gebied van internationaal en intercultureel management. Dr. Jeroen Touwen heeft jarenlange ervaring in het managementonderwijs en is gepromoveerd op aspecten van management en internationale economie. Jeroen Brinkhuis is naast zijn aanstelling aan de Universiteit Leiden ook docent aan de Universiteit Nyenrode.

Laatst Gewijzigd: 06-01-2017