Brief van de maand januari 2012

Een brief van Petronella Moens in corpus gekaapte brieven?

Petronella Moens (portret: H.J. Backer)

Petronella Moens (portret: H.J. Backer)

Als je als onderzoeker op een dag een brief vindt uit december 1780 die geschreven is door een jonge vrouw en ondertekend met de naam P.M. Moens, dan kan het niet anders of een zekere opwinding maakt zich van je meester. Hebben we hier misschien een brief te pakken van de slechtziende schrijfster Petronella Moens (1762-1843)? Die opwinding wordt vermoedelijk niet door iedereen gedeeld, want haar naam zal niet elke 21ste-eeuwer bekend in de oren klinken. Moens was in haar tijd echter een gewaardeerd en veelgelezen schrijfster van romans en gedichten en beslist niet voor de poes, getuige haar bijnaam Pietje de Potentaat. Ze werd geboren in Kubaard (Friesland), als dochter van de predikant Petrus Moens en Maria Lycklama à Nijeholt en bracht een groot deel van haar jeugd door in Aardenburg (Zeeuws-Vlaanderen), waar tegenwoordig een borstbeeld van haar te zien is.

Petronella Moens werd op 4-jarige leeftijd vrijwel blind nadat zij was getroffen door de kinderpokken. Dit weerhield haar er echter niet van om proza, poëzie, drama en liederen te schrijven en een actieve rol te spelen in het literaire leven. Zo was ze bijvoorbeeld lid van de Goudse rederijkerskamer De Goudsbloem en onderhield ze contacten met literaire schrijvers uit haar tijd. In haar album amicorum - of vriendenrol zoals het op het omslag staat – zien we bijdragen van bekende namen als Betje Wolff, Aagje Deken, Willem Bilderdijk en Hendrik Tollens. Moens publiceerde veel voor kinderen onder veelzeggende titels als Klein geschenk voor zoete en gehoorzame kinderen en Gedichtjes en nuttige gesprekken voor kinderen en had daarnaast nog andere dan zuiver literaire ambities: zij stond eveneens bekend om haar veelzijdige handwerkactiviteiten. Daarvan getuigen o.a. de bewaard gebleven gebreide slaapmutsen, met daarin in ajoursteek de volgende teksten: 'Denkd waar het lot u leid, Moens heeft mijn muts gebreid' of: 'Denkt op uw koets gevleid, Moens heeft mijn muts gebreid'. Als dat geen subtiele 18e-eeuwse humor is, dan weten wij het niet meer.


De Zeeuwse connectie

Gebreide slaapmuts (collectie Historisch Museum Deventer)

Gebreide slaapmuts (collectie Historisch Museum Deventer)

De brief in ons corpus is geschreven in Vlissingen, wat ons geografisch al aardig in de richting van Zeeuws-Vlaanderen brengt, de bakermat van Moens' jeugd. Verder blijkt duidelijk uit de brief dat het om een jonge vrouw gaat die onderwijs volgt en onlangs belijdenis heeft gedaan. Ook dit gegeven past in de levensloop van Petronella Moens: in 1780 is zij 18 jaar, maar heeft de schrijfster familie in Jaffanapatnam (Ceylon, het huidige Sri Lanka)? De brief is immers gericht aan een zekere 'oom Bartholomeus Jacobus Raket'. En wat doet de mysterieuze M in haar ondertekening, want voor zover ons bekend is, had Moens geen tweede voornaam.


Stamboomonderzoek

Gelukkig blijkt Moens de letterkundige gemoederen ook vandaag de dag nog bezig te houden: in 2000 promoveerde Ans J. Veltman-van den Bos op het leven en werk van Petronella Moens aan de Universiteit van Nijmegen met het proefschrift Petronella Moens (1762-1843). De Vriendin van ’t Vaderland. Ans Veltman reageerde enthousiast op ons verzoek om na te gaan wie er schuilgaat achter de naam P.M. Moens. Al snel liet zij ons weten dat de schrijfster haar werk nooit op deze manier ondertekende en dat Moens weliswaar een oom had in de Oost, maar dat hij Adriaan Moens heette.

Borstbeeld van Moens (maker en foto: Ineke Ekkers)

Borstbeeld van Moens (maker en foto: Ineke Ekkers)

Deze Adriaan blijkt een sleutelrol te spelen in dit mysterie, want het stamboomonderzoek van Ans Veltman bracht de oplossing aan het licht: Adriaan Moens, de oom van de schrijfster Petronella Moens, is de vader van onze briefschrijfster, Petronella Magdalena Moens (1764-1840). Petronella Magdalena is dus een twee jaar jonger nichtje van de schrijfster Moens. Haar moeder heette Sara Maria Raket en ziedaar de connectie met de geadresseerde oom B.J. Raket! De briefschrijfster werd in 1764 geboren in Colombo (Ceylon) als oudste kind uit het tweede huwelijk van Moens. Hij en zijn vrouw kregen vijf kinderen, waaronder nog een dochter (die tijdens of vlak na de geboorte overleed) en drie zoons. Sara Maria Raket overleed overigens in 1768, zodat de kinderen al op jonge leeftijd halfwees waren.  


De brief van Petronella Magdalena

Uit de brief blijkt dat de zoons van Adriaan Moens en Sara Maria Raket in de Republiek zijn voor hun studie. Petronella Magdalena schrijft over hen: 'mijne lieve broeders gaan ook nog in alle naarstigheid voort want sij hebben elk al 2 prijsen gekregen zo dat sij de voogden bij aanhoudendheid veel genoegen geven'. Zij vertelt bovendien dat haar neefje Raket goed is aangekomen in de Republiek. Dat moet wel een zoon van oom Raket zijn die kennelijk ook voor scholing is overgestuurd. Hij blijkt een 'braaf [nogal] wild dog egter een lief kind' te zijn, met 'een goed humeur' en 'vol grappen en doet den gehelen dag niet als zingen en laggen'. Petronella Magdalena zelf heeft in Utrecht belijdenis gedaan en zou naar een andere school in Delft vertrekken, maar dat is nog even uitgesteld vanwege de vele zieken in zowel Delft als Zeeland. Zij heeft inmiddels ook 'anderen daagsche koorts' (een type malaria dat destijds in Zeeland voorkwam) opgelopen, zodat het maar goed is dat zij onder de vleugels van oom en tante Spieringh is gebleven waar zij goed wordt verzorgd. 'Bij leven en welsijn' zullen oom en tante haar in het voorjaar alsnog naar Delft brengen.  

De ondertekening van Petronella Magdalena Moens

De ondertekening van Petronella Magdalena Moens

Hoe het verder ging

Petronella Magdalena is later zeker nog naar Delft vertrokken. Uit de stamboom van Ans Veltman blijkt dat zij op 15 januari 1786 te Voorburg met de 10 jaar oudere Mr. Rugier van Alderwerelt (Heer van Oud- en Nieuw  Roosenburg, 1754-1820) is getrouwd. Het echtpaar kreeg zeven kinderen, waarvan er twee in Voorburg en vijf in Delft geboren zijn. Petronella Magdalena overleed te Maassluis in 1840. Zij is dus niet teruggekeerd naar Ceylon en vermoedelijk geldt dat ook voor haar drie broers: Pieter Josias, Jan Adriaan en Jacobus Matthias Moens. Zij trouwden met Brabantse en Zeeuwse jongedames en overleden respectievelijk in Leiden (1841), Middelburg (1847) en Zierikzee (1830).    

Uiteindelijk hebben we dus toch niet de bekende literator Moens in ons midden. Dat maakt de brief echter niet minder de moeite waard. Petronella Moens heeft haar sporen nagelaten in literair Nederland. Dat er van Petronella Magdalena Moens ook correspondentie bewaard is gebleven, ligt veel minder voor de hand en die vondst is alleen al daarom een eerbetoon aan het verleden van 'gewone' mensen.

De brief van P.M. Moens bevindt zich in doos HCA 30-719-1. De toelichting bij deze brief van de maand is geschreven door Tanja Simons, met dank aan Ans J. Veltman-van den Bos. Een eerste transcriptie van de brief werd binnen Wikiscripta Neerlandica gemaakt door Benjamin Stiphout.

De door Petronella Moens gebreide slaapmutsen zijn te bezichtigen in het Historisch Museum Deventer en in het Zeeuws Museum te Middelburg. 

Meer lezen over Petronella Moens

 

Laatst Gewijzigd: 10-01-2012