Brief van de maand augustus/september 2011
Michiel Heusch jr. op zakenreis in Italië
In het voorjaar van 1664 vertrekt een ongeveer 26- jarige jongeman vanuit zijn ouderlijk huis in Hamburg naar Italie. Hij heet Michiel Heusch, net als zijn vader, en hij gaat voor een lange tijd op zakenreis. Eigenlijk is het meer een buitenlandse stage om de kneepjes van het koopmansvak te leren. Michiel onderhoudt een intensieve correspondentie met het thuisfront tijdens zijn reis. Van deze correspondentie zijn maar liefst 52 brieven teruggevonden in de Sailing Letters. Het merendeel van de brieven, 47 om precies te zijn, is geschreven door zijn vader. De andere vijf door zijn zuster Elisabeth, zijn moeder, een oom, een neef en een zakenrelatie die allemaal in Hamburg wonen. De serie Heusch-brieven geeft een prachtig kijkje achter de schermen van een koopmansfamilie in de jaren 1664-1665.
De route van Michiel Heusch jr. door Europa. Van Hamburg reist hij naar Augsburg in het zuiden van Duitsland. Later reist hij door naar Venetië, Rome en Genua.
Schrijven op reis
Telkens als Michiel een brief van zijn vader ontvangt, tekent hij op de adreszijde aan wanneer en waar de brief beantwoord is. Dat is te zien op de illustratie die een brief toont aan Michiel Heusch “il giovane” (Italiaans voor ‘de jongere’) in Napels, franco (dus zonder kosten voor de ontvanger) verstuurd via Venetië. Bovenaan staat in het Italiaans aangetekend dat de brief ontvangen is op 27 november SN (nieuwe stijl kalender) 1664 en beantwoord op 29 november in Rome. De brief was geschreven op 26 passato, de 26ste van de vorige maand. Door deze aantekeningen kunnen we Michiels reis goed reconstrueren. We zien dat hij in juni 1664 door Duitsland trekt, op weg naar het zuiden. Zijn vader heeft via een ander gehoord dat Michiel in goed gezelschap uit Augsburg is vertrokken. Hij voegt eraan toe: wil niet hopen alrede [nu al] traeg wort int schrijven, een briefken is haest [snel] geschreven. Moeder en hij hopen snel iets te horen. We weten dat Michiel veilig in Venetië is aangekomen, wanneer hij op 1 juli drie brieven tegelijk beantwoordt. Volgens plan zal hij daar de hele zomer blijven en vervolgens naar Rome doorreizen. Vader Heusch verwacht dat Michiel begin 1665 in Genua zal zijn om daar zaken voor hem te af te handelen.
Brief van Heusch sr. aan Heusch jr.
Michiel Heusch senior is namelijk een rijk koopman in Hamburg. De familie Heusch is rond 1590 uit Antwerpen naar Hamburg geëmigreerd en maakt deel uit van een hechte groep Vlaamse en Nederlandse kooplieden die in de 17e eeuw de Hamburgse handel domineren. Ze trouwen bij voorkeur onderling en blijven generaties lang Nederlands spreken. En, zoals nu uit onze brieven blijkt, dus ook na zeventig jaar nog Nederlands schrijven!
Buitenlandse handelscontacten
Het is de gewoonte dat zodra de opvolger in het handelshuis klaar is om meer verantwoordelijkheden op zich te nemen, hij op een buitenlandse stage gaat. Zo ook Michiel junior. Verspreid over heel Europa heeft Heusch sr. een netwerk van handelscontacten opgebouwd, vaak familieleden. Met hen onderhoudt hij door middel van brieven een intensief contact over de lopende zaken. Het is nu aan Michiel om deze banden weer eens te verstevigen en bovendien praktijkervaring op te doen. Aanbevelingsbrieven zorgen ervoor dat deuren voor hem open gaan, direct of via een contactpersoon. Zo lezen we: ondertussen gaethier neffens 6 recomandatie brieven, als 2 op Genua, een op Milano aen sr.[signor] Gilardi ,een op Fiorenza aen sr. Donati, een op Livorno aen sss.[signores] Moijliues, ende eenen op Napels [...]; van sr. druijvesteijn [een contactpersoon in Venetie] cont [gij] eenen [een introductiebrief] op Roma nemen mits[ick] daer nu so geen bekenden hebbe.
Het werk kan voor Michiel beginnen: hij moet zoveel mogelijk leren van de Italianen. “Ick achte wel dat dagelijcx op Realte gaet“ vermaant zijn vader hem. Hij moet dus naar de Ponte di Rialto over het Grote Kanaal in Venetië gaan, van oudsher de plaats waar de handel gedreven wordt en de prijzen bepaald worden. Bovendien ziet Heusch graag dat Michiel zich oefent in het Italiaans; vooral het schrijven zal hem later goed te pas komen in de zaak: tis mij Lief [dat je] met de sprack wel te recht quaemt, het schrijven sal u wel nut worden, schrijft so wat brieven uut, daer leert men best bij.
Ponte di Rialto in Venetië
Het belangrijkste onderwerp uit de brieven is uiteraard de handel. Dit was het hoofddoel van Michiels reis. Af en toe merken we dat Michiel niet volgens de wensen van zijn vader opereert. Hij zou vanuit Rome naar Genua moeten gaan, maar heeft zijn zinnen gezet op carnaval in Venetië. Enigszins geïrriteerd schrijft Heusch sr.: [ick] sien [dat je] doch weer naer Venetia wilt dat so nodich niet geweest ware, want bent daer gewest en aen de Carneual is soo veel niet te sien. Later in Genua logeert Michiel tegen zijn vaders advies in bij een zakenrelatie in plaats van in een neutrale herberg. Dit veroorzaakt scheve ogen bij de andere kooplieden waar Heusch mee handelt in Genua, zoals bijvoorbeeld de firma Viganego & Schepel: ick hadde wel gewenst elders gelogeert haddet, want speure genoch tussen hem [de heer Schepel] en sr. Poelman groote gialosie is, dat lang wel hebbe geweeten. Nu, dat is niet te remedieren en moet nu sijnen ganck gaen”. Michiel moet het maar zien te redden en iedereen proberen te vriend te houden.
Oorlog met Engeland
Vader en zoon corresponderen vaak over handelswaar en over de Engelse Oorlog die de zaken bemoeilijkt. Begin mei 1665 is een zekere kapitein Lanckhorst in Genua gereed voor vertrek richting Hamburg; hij heeft voor Heusch 600 balen rijst, vier Parmazaanse kazen, een hoeveelheid wijnsteen en zakken met amandelen geladen. Intussen is de oorlogssituatie met Engeland zo gevaarlijk geworden dat Lanckhorst langs Schotland naar huis moet komen om het gevaarlijke Kanaal te vermijden. Of de lading voor Michiel Heusch sr. veilig aangekomen is? We weten het niet. Op dat moment houdt onze informatie op; er zijn niet meer brieven teruggevonden. Het laatste dat we weten is dat Michiel op 14 juni (dit is 4 juni in de oude stijl kalender die in Hamburg gebruikt wordt) nog een brief beantwoord heeft. Hij maakt zich intussen klaar om naar Frankrijk te gaan om daar zijn Frans op te poetsen. Een goed koopman spreekt vele talen.
Vader en zoon Heusch zijn waarschijnlijk nog een paar maanden blijven schrijven tot Michiel thuis kwam. Helaas heeft Michiel zijn pas geleerde vaardigheden niet lang in de praktijk kunnen toepassen in de praktijk. Hij zal al in 1668 overlijden, een elftal jaren voor zijn ouders.
Portret van Michiel Heusch sr. door Bartholomeus van der Helst. Hij is toepasselijk afgebeeld met een brief in zijn linkerhand.
De Heusch-brieven bevinden zich in HCA 30-223. De toelichting bij deze brief van de maand is van Hetty Krol. Zij heeft de meeste transcripties gemaakt binnen Wikiscripta Neerlandica, maar ook Netty van Megen, Bram Plantinga, Arie Pos, Puck Wijnschenk Dom, José de Bree, Renaat Gaspar, Fred Kluit, Lotty van Minnen, Marysia van Arnhem, Dick-Jan Braggaar, Judith de Lang en Jan de Vries hebben zich over de Heusch-brieven gebogen om het handschrift te ontcijferen.
Literatuur
-Hermann Ariovist von Fürth, Beiträge und Material zur Geschichte der Aachener Patrizier- Familien (Aachen: Verlag der Cremerschen Buchhandlung, 1890) vol. 1, (2e bijlage, zweiter Anhang) Zur Genealogie einzelner Aachener Familien, 12-13.
-Maartje van Gelder, Trading Places, the Netherlandish Merchants in Early modern Venice (Leiden/Boston: Brill, 2009).
-Wilhelm Sillem, “Zur Geschichte der Niederländer in Hamburg von ihrer Ankunft bus zum Abschluss des Niederländischen Contracts 1605”, in: Zeitschrift des Vereins für Hamburgische Geschichte, vol. 7:482-598.