'Ineens besef je dat ze om de hoek zitten'
Forum - 6 november 2008
Zeven instituten vormen sinds 1 september de Faculteit der Geesteswetenschappen. De instituten staan onder leiding van een wetenschappelijk directeur. In de komende nummers van Forum stellen de directeuren zich aan u voor. Deze keer: vijf vragen aan prof. dr. E.J. van Alphen – wetenschappelijk directeur van het Instituut voor Culturele Disciplines. "Ik denk dat het mijn taak is onze groep meer identiteit te geven."
door Sjaak Baars
Wat inspireert u aan de Leidse universiteit als wetenschapper?
"Mijn eigen opleiding. Ik werk met leuke, goede en zeer inspirerende collega’s. We zijn niet voor niets twee jaar geleden uitverkoren als beste Letteren opleiding van het land, en terecht, denk ik. Het is een hele hechte groep."
Hoe heeft u de fusie ervaren?
"Zonder meer positief. Voor de fusie was de afstand tussen de faculteiten heel groot. Terwijl ik eigenlijk vind dat de disciplines bij elkaar horen: wijsbegeerte en religie zijn voor mij culturele expressies, culturele vormen van denken, net zoals beeldende kunst en literatuur dat zijn. Bij mijn vak literatuurwetenschap gebruiken we ook veel filosofie. Ik merk nu al dat er meer contact is. Ineens besef je namelijk dat er ook theologen en filosofen om de hoek zitten. Ook is er nu veel meer samenwerking mogelijk op het gebied van onderzoek en onderwijs. Op zich kon dat altijd al wel, maar in de praktijk was er afstand, doordat het andere faculteiten waren."
Wat moet de rest van de facultaire medewerkers van u weten wat ze nog niet weten?
"Dat ik mijn nieuwe functie een enorme uitdaging vind, maar nu al merk dat ik het onderwijs en onderzoek mis. Ik geef nog wel twee colleges, maar dit is nauwelijks te doen. Ik moet vaak afspraken en vergaderingen afzeggen. Ook heb ik sinds september al drie lezingen moeten afzeggen, omdat me de tijd ontbreekt iets voor te bereiden. Toch heb ik geen spijt dat ik de uitdaging ben aangegaan. Ik denk dat je in je carrière soms een bestuurlijke functie moet vervullen en dit was een goed moment voor mij. Ik had net twee projecten afgerond en een boek gepubliceerd. Ik heb dus geen spijt, maar ik mis het al wel."
Welke zijn uw toekomstplannen?
"Het interessante vind ik dat ik nu als bestuurder van het Instituut Culturele Disciplines zelf beleid kan ontwikkelen. Ik wil een aantal dingen doen. Allereerst wil ik ‘promotiedocenten’ aanstellen. Dit is nieuw in onze faculteit. Het houdt in dat deze mensen voor zes jaar worden aangesteld met een onderwijstaak en ze moeten na die periode promoveren. Dit omdat er minder aio’s zijn. Vorig jaar zelfs geen en nu maximaal twee per instituut. Dit is een negatieve ontwikkeling, juist bij Geesteswetenschappen, want daar zijn veel individuele projecten en deze krijg je niet gefinancierd bij NWO.
Daarnaast wil ik beurzen creëren voor het schrijven van een onderzoeksaanvraag. Zo kan een mederwerker drie maanden vrijgesteld worden van onderwijs om een aanvraag te schrijven.
Ook wil ik er voor zorgen dat het promotierendement omhoog gaat. Veel mensen bij Geesteswetenschappen doen langer dan vier jaar over hun promotie en dat heeft te maken met het feit dat er weinig structuur is, weinig context. Ze zitten vier jaar in hun eentje onderzoek te doen. Ze moeten meer gezamenlijk doen, meer onderwijs geven, meer seminars volgen. Je ziet vaak dat mensen die naast hun promotie ook werken nog sneller klaar zijn dan zij die vier jaar alleen onderzoek doen. Dit komt misschien doordat de werkenden iedere minuut moeten benutten en daardoor efficiënter zijn.
Als wetenschapper ben ik bezig met een project waarbij ik kijk naar de hedendaagse literatuur en kunst, sinds de jaren ’90, en de rol van affect. Door de opkomst van nieuwe media zie je een explosie van informatie en een implosie van betekenis. De rol en het belang van betekenis wordt minder. In de politiek zie je bijvoorbeeld dat het minder draait om de echte ideeën en meer om een gevoel, een stemming die iemand uitdraagt. Kijk naar Obama: hoop, verandering. Of Bush met een atmosfeer van angst om hem heen. Dit zijn affecten waar mensen besmet door raken"
Wat heeft u het meest verrast in de andere instituten?
"Wat je ziet is dat veel mensen die zich bezig houden met letterkunde verspreid zitten over veel opleidingen. Het is een groep zonder veel samenhang. Bij andere instituten, zoals bij geschiedenis, maar ook bij taalkunde zie ik dit veel meer, die zijn als groep hechter. Ik denk dat het mijn taak is onze groep meer identiteit te geven. In de oude structuur waren de opleidingen kleine koninkrijkjes die geïsoleerd opereerden. Nu wordt dit een beetje doorbroken, indien mogelijk zullen medewerkers niet meer in een enkele maar in meerder opleidingen onderwijs verzorgen. Sommige wetenschappers hebben meerdere expertises en die kunnen nu ook meer uitgedragen worden, doordat we minder vastzitten aan de kleine koninkrijkjes."
-------------------------
Lees verder: Inhoudsopgave Forum 8e jaargang, nummer 6