Het programma

De studie van de Japanse taal en cultuur is een brede studie, die aan de ene kant gestoeld is op een generalistische kennis van Japan en beheersing van de Japanse taal en aan de andere kant op de beheersing van specifieke disciplines binnen het grotere geheel van de ‘japanologie’. Het bachelorprogramma houdt vast aan het principe dat zowel het generalistische aspect als het disciplinaire aspect aan bod moet komen.

Het bachelorcurriculum biedt de student derhalve een combinatie van een brede, regionaal-cultureel georiënteerde benadering en de mogelijkheid zich te specialiseren in een van de gebieden die binnen het hoofdvakprogramma worden aangeboden. Praktisch betekent dit dat het propedeuseprogramma (het programma voor het eerste jaar) alsmede een deel van het tweede jaar voor elke student precies hetzelfde is, maar dat al in het tweede jaar de student de mogelijkheid geboden krijgt om zich te specialiseren. Specialisaties waarvoor de student in het tweede jaar kiest worden deels verder uitgebouwd in het derde jaar en monden uit in een eindwerkstuk. Het bachelorprogramma zal dus een basis bieden die elke student nodig heeft om in of met betrekking tot Japan te kunnen functioneren, ook in de toekomstige werkomgeving.

Bindend studieadvies (BSA)
De opleiding stelt als aanvullende eis dat bepaalde onderdelen van de opleidingsprogramma’s in de propedeuse in ieder geval zijn afgerond, namelijk de vakken:
Teksten: basis teksten I & II (onderdeel van Taalverwerving BA1) en Japanse verhalen: schrift, tekst, verbeelding.

Keuzeruimte
In het derde jaar van de bacheloropleiding is er een keuzeruimte van 30 ects (15 ects per semester).

Voor meer informatie, zie de studiegids.


Laatst Gewijzigd: 08-08-2011