Volhardendheid bij asielaanvraag maakt verschil

Asielzoekers die in eerste instantie niet worden toegelaten, krijgen in de bezwaar- of beroepsprocedure of bij de tweede aanvraag vaak alsnog een verblijfsvergunning: de reden van aanvankelijke afwijzing blijkt in zulke gevallen niet of moeilijk te bewijzen. Promotie van Tycho Walaardt op 24 april.

Wetgeving en beleid wel effectief?

Asielzoekerscentrum

Asielzoekerscentrum

Net zoals nu, waren in de periode 1945-1994 alleen ‘echte’ vluchtelingen welkom in Nederland, vluchtelingen van wie werd vermoed dat ze om andere reden asiel vroegen niet. ’Ik vroeg me af’, zegt Tycho Walaardt, ‘of ambtenaren dit onderscheid aan de hand van wetgeving en beleid wel kunnen maken.’


Bewijsbaarheid

Veel asielzoekers ontvangen een afwijzing omdat ze niet voldoen aan de definitie van een ‘vluchteling’ of worden niet geloofd. Dit betekent niet dat ze uit Nederland vertrekken. Hun advocaten dienen een bezwaarschrift in of tekenen beroep aan. Hierdoor ontstaat een patstelling waarin de bewijsbaarheid van wat de vluchteling vertelt een grote rol speelt. Walaardt: ‘Aan de basis van dit onderzoek lag de vraag wat dan vervolgens met deze asielzoeker gebeurde.’

Tegen wil en dank

‘Uit mijn onderzoek blijkt dat het ministerie van Justitie tegen wil en dank een asielzoeker vaak alsnog een verblijfstitel verleent. Zo wordt een streng beleid, iets wat de overheid naar buiten toe wil benadrukken, gecombineerd met een humane praktijk’, aldus Walaardt. In dit soort gevallen krijgt de asielzoeker vaak geen vluchtelingenstatus, maar wordt hij toegelaten op humanitaire gronden (schrijnend geval, getraumatiseerd, bekeerd of verwesterd) of op grond van de arbeidsmarkt.

Hollandse gastvrijheid

Walaardt: ‘Mijn onderzoek spitste zich toe op het selectieproces. De vraag die de ambtenaren stellen is: wie verdient op grond van wetgeving en beleid wel en wie geen toelating? In persoonsdossiers van asielzoekers zie je wie de ambtenaren in de verschillende fases probeerden te beïnvloeden en welke argumenten beslissend waren. Zichtbaar was dat pleitbezorgers en – ten dele - hun argumenten veranderden, maar ook dat steeds dezelfde argumenten opdoken, zoals de beroemde Hollandse gastvrijheid.’

Wie is het meest volhardend?

‘Feitelijk gaat het om de vraag wie het meest volhardend is, de overheid of de asielzoeker. Bij veel asielverzoeken was de overheid aanvankelijk streng, maar zij liet deze houding varen nadat bleek dat de asielzoeker niet kon worden uitgezet en kon rekenen op steun van een deel van het Nederlandse publiek. De autoriteiten konden dan niets anders doen dan de asielzoeker toelaten en benadrukken dat het hier een uniek geval betrof.’

Gat tussen beleid en uitvoering

Het onderzoek toont een gat aan tussen het Nederlandse asielbeleid en de uitvoering ervan. Dit verschil wordt gedicht met uiteenlopende argumenten, zoals nut voor en aanpassing aan de Nederlandse samenleving, medelijden en de duur van de procedure.’ Walaardt meent dat alle partijen gebaat zijn bij deze combinatie van een streng beleid en een humane praktijk.

Promotie

Tycho Walaardt Sacré van Lummel
Geruisloos Inwilligen. Argumenten en speelruimte in de Nederlandse asielprocedure, 1945-1994
Dinsdag 24 april 2012, 15.00 uur
Faculteit: Geesteswetenschappen
Promotor: prof.dr. M. Schrover

Studeren in Leiden

Bachelor
Geschiedenis  

Master

(23 april 2012 - CH)

 
Laatst Gewijzigd: 07-02-2013