Studie-informatie

Algemene informatie over de opleiding Franse taal en cultuur.

Bachelor en Master

Het nieuwe studieprogramma Franse Taal en Cultuur dat in september 2002 is gestart, bestaat uit twee delen: het bachelorprogramma en een daarop aansluitend masterpro­gramma. Deze gids beschrijft vanaf de volgende paragraaf het driejarige bachelorpro­gramma. De masterprogramma’s van de Faculteit der Geesteswetenschappen beginnen in 2005, als de eerste lichting studenten de bachelorprogramma’s heeft afgerond. Elke student die een BA-diploma in een Leidse studie geesteswetenschappen behaalt, krijgt zonder verdere selectie toegang tot minstens één MA-programma. In het algemeen zal dat de ‘doorstroommasteroplei­ding’ zijn, dat wil zeggen een meestal eenjarig MA-programma op het gebied van de afgesloten BA-studie. Naast deze doorstroommasteropleiding komen er waarschijnlijk een tweejarige ‘onderzoeksmasteropleiding’ en een tweejarige ‘educatieve masteroplei­ding’ (leraren­opleiding). Voorts ontwikkelt de faculteit enkele eenjarige ‘beroepsvoor­bereidende masteropleidingen’ en ten slotte zullen studenten een keuze kunnen maken uit een aantal een- of tweejarige ‘internationale masteropleidingen’.


Het BA-hoofdvak

Het eerste jaar van het bachelorprogramma bestaat uitsluitend uit onderdelen van het hoofdvak. In het tweede en derde studiejaar is een bijvakruimte van in totaal 40 ects voorzien.


Voltijd en deeltijd
De opleiding Frans kan overdag als voltijdstudie en als deeltijdstudie gevolgd worden. In deze studiegids wordt onder de term ‘opleiding Frans’ of ‘studie Frans’ de voltijdstudie bedoeld, tenzij anders is aangegeven.

Opbouw
De Leidse bachelorstudie kent een propedeutische fase van één jaar met het af­sluitende propedeusediploma.

De propedeuse bestaat geheel uit verplichte onderdelen.

In het tweede en derde bachelorjaar wordt allengs meer keuze geboden: naast het verplichte basisprogramma kan de student naar eigen inzicht en voorkeur, evenwel in overleg met de studiecoördinator, inhoud geven aan de keuzeonderdelen binnen het programma. De student kiest, uit de jaarlijks wisselende cursussen, twee keuzevakken à 5 ECTS (séminaires) binnen de opleiding Frans en maakt de scriptie; ook heeft hij/zij in het derde jaar een vrije keuzeruimte van 30 ECTS.
De propedeuse bestaat uit 60 ECTS, het hele bachelorprogramma (inclusief de propedeuse) bestaat uit 180 ECTS.

Voor elk programmaonderdeel dat de student met voldoende resultaat afrondt, krijgt hij een aantal studiepunten, dat de studielast wordt genoemd.

Na afronding van de bacheloropleiding kan de student instromen in de master­fase.

Bijvakken

Elk bachelorprogramma biedt een flinke bijvakruimte: 30 ects in het derde jaar. Deze bijvakruimte is als volgt ver­deeld: 15 ects in het eerste semester en 15 ects in het tweede semester.

Studenten kunnen deze bijvakruimte vullen met een minor of een keuzepakket. 
Voor de invulling van de bijvakruimte biedt de faculteit momenteel vele monoren en keuze­pakketten aan. Een uitgebreide beschrijving hiervan is te vinden in de eStudiegids van de Universiteit Leiden.

Deze gids verschijnt elk voorjaar op het web.

Onder de naam ‘PraktijkStudies’ worden vier beroeps­gerichte bijvak­pakketten aangeboden:

  • Management 
  • Digitale Letteren: Woord en Beeld in Bytes (voorheen ICT) 
  • Journalistiek & Nieuwe Media 
  • Europese Unie Studies.

    Voor meer informatie over de PraktijkStudies, zie: http://www.praktijkstudies.nl/

Bacheloreindtermen

De doelstelling
De algemene doelstelling van de opleiding Franse Taal en Cultuur betreft het verwer­ven van: 

  • Algemene kennis van en inzicht in de Franse taal en de Franse letterkunde, neerko­mend op de systematiek en de globale historische ontwikkeling van de Franse taal; de belangrijkste schrijvers, stromingen en theorieën uit de Franse letterkunde; de grote lijnen van de Franse (cultuur)geschiedenis; de belangrijkste aspecten van de heden­daagse Franse maatschappij en cultuur. 
  • Algemene kennis van en inzicht in de kernbegrippen, het apparaat, de onderzoeks­methoden en -technieken e.d. van de Franse taal- en letterkunde. 
  • Praktische taalvaardigheid Frans op het gebied van luisteren, lezen, gesproken inter­actie, gesproken productie en schrijven van en in het Frans. 
  • Algemene academische vaardigheden op het gebied van ict, schriftelijke en monde­linge presentatie en samenwerking.

De opleidingsdoelen
Bachelors Franse Taal en Cultuur beschikken over: 
  • Algemene kennis van en inzicht in de Franse taal en de Franse letterkunde, neerko­mend op de systematiek en de globale historische ontwikkeling van de Franse taal; de belangrijkste schrijvers, stromingen en theorieën uit de Franse letterkunde; de grote lijnen van de Franse (cultuur)geschiedenis; de belangrijkste aspecten van de heden­daagse Franse maatschappij en cultuur. 
  • Algemene kennis van en inzicht in de kernbegrippen, het apparaat, de onderzoeks­methoden en -technieken e.d. van de Franse taal- en letterkunde.

Op taalkundig gebied zijn bachelors in staat om: 
  • Basisbegrippen van Franse fonologie, morfologie, syntaxis en semantiek te definiëren en toe te passen in elementaire taalkundige analyses. 
  • De algemene lijnen van argumentatie in de taalkundige vakliteratuur te begrijpen. 
  • Beargumenteerde analyses van elementaire taalkundige problemen te formuleren aan de hand van een elementair inzicht in het theoretisch begrippenapparaat van de taal­kunde. 
  • Geografische, historische, en sociale taalvarianten van het Frans te herkennen, op elementair niveau te analyseren, en daarvan verslag te doen.

Op letterkundig gebied zijn bachelors in staat om: 
  • Basisbegrippen van de literatuurtheorie te definiëren en toe te passen in analyses van literaire teksten op het gebied van de vier hoofdgenres: narratieve teksten, poëzie, to­neel en beschouwende teksten, en daarvan verslag te doen. 
  • De algemene lijnen van argumentatie in de literatuurwetenschappelijke vakliteratuur te begrijpen. 
  • De belangrijkste schrijvers, stromingen en theorievorming in de Franse letterkunde te plaatsen in een literatuurwetenschappelijk en cultuurhistorisch kader.
  • In termen van het Europees referentiekader taalvaardigheid beoogt de opleiding de volgende opleidingsdoelen, uitgesplitst naar de daar genoemde aspecten:

  instroom           na 1 jaar na 3 jaar
Luisteren          B1 B2 C1
Lezen B1 B2 C1
Gesproken interactie A2 B1 B2
Gesproken productie A2 B1 B2
Schrijven          A2 B1 B2

Het Europees Referentiekader taalvaardigheden (Common European Framework of Reference: CFER) is een systeem van doelstellingen dat in de afgelopen jaren op Eu­ropees niveau is uitgewerkt en op zes niveaus voor vijf aspecten van taalvaardigheid een samenhangende beschrijving van taalvaardigheidsdoelen geeft. Bij alle niveaus en alle aspecten gaat het om taalvaardigheid in een vreemde taal.

Propedeuse- en bachelordiploma

De propedeuse- en de bachelorstudie worden afgesloten met een examen. Deze exa­mens zijn geformaliseerd, dat wil zeggen dat studenten aan de eisen voor de examens hebben voldaan, zodra zij het programma van de propedeuse, respectievelijk het ba­chelorprogramma met voldoende resultaat hebben doorlopen. Het diplomasupplement bevat nadere informatie over de gevolgde vakken en de behaalde resultaten.


Studiebelasting en studiepunten

Uitgangspunt is dat een student per cursus 42 weken aan de studie besteedt en dan veertig uur per week werkt. Een studiejaar telt zo 1680 studie-uren. De studiebelasting wordt uitgedrukt met behulp van het European Credit Transfer System. De 1680 stu­die-uren staan gelijk aan 60 ECTS-punten, dus 1 ECTS-punt (kortweg ‘ECTS’) staat voor 28 uur.

Toegang tot de mogelijkheden van ULCN

Alle studenten ontvangen aan het begin van het studiejaar 

  • een u-account (gebruikersnaam en wachtwoord) 
  • een u-mailadres. 
Met het u-account kan via ULCN toegang worden verkregen tot u-Twist en de u-mailbox.
Bij vragen en problemen zie: http://ulcn.leidenuniv.nl of neem contact op met de helpdesk van het ULCN, telefoon 071-527 8888, e-mail: helpdesk@issc.leidenuniv.nl.


Toegangseisen

Eenieder die in het bezit is van een VWO- of HBO-diploma of een propedeuse- dan wel einddiploma WO kan het bachelorprogramma Franse taal en cultuur volgen. Ook een met goed gevolg afgelegde propedeuse van een HBO-opleiding behaald in of na 1986 geeft toegang tot deze studie.

Voor toegang met een buitenlands diploma zijn geen vaste regels te geven. Een aanvraag moet in ieder geval zeer ruim (soms een jaar) vóór aanvang van de studie worden ingediend. Voor informatie en hulp kunt u zich wenden tot het Informatie­centrum van het Expertise­centrum Internationalisering, Communicatie en Studenten (ICS), telefoon 071-527 8011 of e-mail informatiecentrum@ics.leidenuniv.nl.

Studenten die niet één van de bovengenoemde vooropleidingen hebben gedaan, kunnen een colloquium doctum afleggen om toegang te krijgen tot de universiteit, mits zij 21 jaar worden voor het beoogde studie­begin. Een colloquium doctum-brochure inclusief aanvraag­formulier is op te vragen bij de Studielijn, tel. 071-527 1111, Studielijn@ics.leidenuniv.nl. Informatie over het colloquium doctum voor stu­dies geesteswetenschappen is verkrijgbaar bij mw. E. Broere (tel. 071-527 6486, e-mail e.m.broere@hum.leidenuniv.nl).

Instroomregeling na verwante HBO-opleidingen

Instroomregeling MO en lerarenopleiding

Voor studenten met een MO-A diploma of een MO-B diploma Frans, alsmede stu­denten met een tweedegraads- of eerstegraadslerarenopleiding Frans bestaan speciale instroomprogramma’s, waarbij aanzienlijke vrijstellingen kunnen worden verkregen. Nadere inlichtingen bij de studiecoördinator mw. drs. E.M.T. Poolman.

Examenregeling bachelor (OER)

Onderwijs- en Examenregeling (OER)

Laatst Gewijzigd: 11-07-2011