Bindend StudieAdvies voor opleiding Engels (BSA)
Sinds september 1997 is in elke opleiding het studiesysteem met bindend studieadvies ingeÂvoerd. In het Studentenstatuut is aangegeven wat dit studiesysteem voor een student betekent en welke rechten en plichten hij/zij daaraan kan ontlenen. De kern van het stuÂdiesysteem wordt gevormd door het studiebegeleidingsplan.
De kern van het studiesysteem wordt gevormd door het studiebegeleidingsÂÂÂplan. Dit plan wordt hieronder nader uitgelegd.
I Mentoraat
Alle eerstejaarsstudenten krijgen een docentmentor en één à twee studentmentor(en) toegewezen. De docentmentor is een staflid die de student ook als docent heeft voor één van de werkgroepen. De studentmentoren zijn ouderejaarsstudenten uit het bachelor- of masterprogramma.
De mentorgroep is identiek aan de werkgroep. Er zijn in het eerste semester twee-wekelijkse bijeenkomsten van één uur die zijn opgenomen in het rooster.
Het doel van de mentorbijeenkomsten is studenten de mogelijkheid te bieden op informele wijze vragen te stellen over allerhande zaken die met de studie en het studeren samenhangen. Ook is het mogelijk om een individuele afspraak te maken met de mentor.
De studentmentoren kunnen eerstejaars behulpzaam zijn door hun eigen ervaringen te delen. Ook kunnen zij de eerstejaars de weg wijzen in de Universiteit en de stad.
II. Advisering In de loop van het eerste studiejaar krijgt elke eerstejaarsstudent drie studieadviezen, die worden uitgebracht door de propedeuse examencommissie, te weten: Â Â Â Â
- het eerste studieadvies, eind januari
- het voortgangsadvies, juni    Â
- het definitieve studieadvies, vóór 1 september
B. In het studiejaar 2007-2008 zal worden uitgegaan van de volgende norm:
| 1. januariadvies:Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â Â | > 16 ECTS positief
< 16 ECTS negatief |
| 2. juniadvies: | 60 ECTS propedeuse behaald
> 40 ECTS positief < 40 ECTS negatief |
| Â | 60 ECTS propedeuse behaald
> 40 ECTS positief, maar propedeuse moet voor 1/9/08 worden behaald < 40 ECTS negatief bindend |
| 3. augustusadvies (definitief):Â | Â |
| Voor deeltijdstudenten geldt het volgende:Â | Â |
| Â | Â |
| 1. juniadvies (1ste advies):Â Â Â Â Â Â Â Â | > 28 ECTS positief
< 28 ECTS negatief |
| 2. januariadvies (2de advies):Â | > 40 ECTS positief
 |
|  | < 40 ECTS negatief |
| 3. augustusadvies (bindend)Â | 60 ECTS propedeuse behaaldÂ
> 40 ECTS positief < 40 ECTS negatief bindend; propedeuse moet voor 1/9/2010 worden behaald. |
- persoonlijke omstandigÂheden (zoals ziekte, zwangerschap, en andere zaken die studievertraging veroorzaken)
- de daarbij behorende procedureafspraak
- de zogenaamde hardheidsclausule die een examencommissie van toepassing kan verÂklaren
- de mogelijkheid om tegen het definitieve studieadvies in beroep te gaan
C. Elke student heeft na het eerste studieadvies in januari een gesprek met de studieadviseur. Daarnaast hebben alle studenten een gesprek in april/mei voor het maken van een keuze voor de bijvakken in het tweede en derde studiejaar. De studenten die bij het voortgangsadvies in juni geen positief advies hebben, worden uitgenodigd voor een gesprek om de voortgang tijdens de zomerperiode voor de herkansingen te bespreken. Â